BoZ-partijen publiceren juridisch kader Rookvrije Zorg

Juridisch kader
De Brancheorganisaties in de zorg (BoZ) hebben gezamenlijk het Juridisch kader rookvrije zorg gepubliceerd. Het document is ook te vinden in de toolkit bij de pijler Gezonde werkplek. Het juridisch kader gaat onder andere in op de belangenafweging en het betrekken van de OR en cliëntenraad. 

Belangenafweging
Wanneer een instelling het roken in de buitenruimte of in de privéruimten van cliënten wil instellen, vraagt dit om zorgvuldige belangenafweging. Men kan het grondwettelijke recht van de werknemer op bescherming van zijn gezondheid en dus een rookvrije werkplek, afwegen tegen het grondwettelijke huisrecht van de cliënt waarbij zijn persoonlijke levenssfeer wordt beschermd. Ook de veiligheid van de locatie kan een reden zijn om een rookverbod in de privéruimte in te stellen. Een rookverbod kan opgenomen worden in de huisregels of notitie waarvoor instemming van de cliëntenraad nodig is.

Ondernemingsraad betrekken
Raakt een nieuwe huisregel de arbeidsomstandigheden van medewerkers, dan hoort ook de ondernemingsraad betrokken te worden. Dit geldt ook wanneer een zorgaanbieder als werkgever het rookbeleid voor medewerkers wil aanpassen. Een werkgever heeft geen zeggenschap over de vrije tijd van medewerkers, net zoals dat een werkgever geen zeggenschap heeft over de woning van een cliënt die buiten de zorginstelling valt. In dat geval zal een werkgever moeten kijken naar afspraken met de cliënt om toch een rookvrije werkplek te kunnen bieden voor werknemers, gezien de verplichting op grond van de Arbowet.

Het besluit de rookruimtes af te schaffen is gepubliceerd in het Staatsblad. De Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit (NVWA) houdt toezicht op het handhaven van het rookverbod.

 

Bron: VGN

 

Arbowet BoZ cliëntenraad Gezonde werkplek grondwettelijke recht huisregels juridisch kader NVWA OR persoonlijke levenssfeer privéruimten rookruimtes rookverbod rookvrije werkplek werknemer zorginstelling